De tentoonstelling Wie kan ik
nog vertrouwen? homoseksueel in Nazi-Duitsland en Nederland
toont het leven van lesbische vrouwen en homoseksuele mannen
in Duitsland en Nederland tussen 1933 en 1945 met als zwaartepunt
hun vervolging en verzet. Het is de eerste keer voor Nederland
dat deze ‘zwarte bladzijde van de homogeschiedenis’
zo duidelijk op de kaart wordt gezet in een expositie.
In de dictatuur van het Duitsland na 1933 werden homoseksuele
mannen en lesbische vrouwen zoals vele andere groepen buitengesloten
uit de samenleving. Rechteloos, verguisd, vervolgd. Buren,
collega's of passanten op straat deden aangifte bij de autoriteiten.
Voor homoseksuelen was het daarom moeilijk te bepalen wie
ze nog konden vertrouwen.
Na 1940 werd ook in Nederland de homovervolging aangescherpt.
Met dezelfde maatregelen als in nazi-Duitsland: onderdrukking
van homoseksualiteit in het openbaar, aanscherping van strafmaatregelen,
een centrale registratie van homoseksuelen en de vorming van
speciale politie-eenheden. Nederlandse homoseksuelen werden
echter niet naar kampen afgevoerd, zoals de joden. Zoals voor
en na de oorlog bleef het bij gevangenisstraffen; een klein
aantal homoseksuelen werd naar strafkampen en jeugdinrichtingen
of kampen zoals Amersfoort of Vught afgevoerd. Toch hebben
de jaren van een zeer bedreigende rechteloosheid en lotonzekerheid
een zware stempel op het leven van homoseksuelen in Nederland
gezet.
Na de oorlog konden de slachtoffers van de homovervolging
nergens hun verhaal kwijt. Er was geen erkenning voor hun
leed. De homoseksuelen bleven lange tijd een verachte en rechteloze
minderheid, zowel in Nederland als in Duitsland. Zij stonden
alleen met hun herinneringen.
De tentoonstelling laat zien hoe
het individu in een totalitaire staat onder druk komt te staan
en hoe een medeplichtige maatschappij verregaand bijdraagt
aan de mechanismen van een dictatuur. Aanbrengingen, indifferentie
en collaboratie signaleren hoe een maatschappij in een dictatuur
moreel in elkaar stort. De reductie van het individu tot een
categorie, in dit geval tot ‘homoseksueel’, is
het uitgangspunt van een totalitaire staat en van totalitaire
denkbeelden – toen en nu.
Maar ook in een dictatoriale staat
maken mensen keuzes. Net zoals de slachtoffers maken ook daders,
medestanders en helpers deel uit van een familie, een vriendenkring
of professionele netwerken. Mensen maken keuzes. De tentoonstelling
legt de gevolgen ervan voor aan de bezoeker: wie kan ik nog
vertrouwen in een dictatuur waar ik als minderwaardig wordt
gezien? Waarom steunt mij de één, en verraadt
mij de andere? Waarom werkten zo velen mee en gaven hun vrienden
of collega’s vrijwillig aan bij de politie?